Maandag 3 februari 2014: Peter Schoenmaker op het Kistje van NIKS.



Peter Schoenmaker:
"Als reclameman én hotelier maak je de gekste dingen mee"


Hoe word je hotelier? In zijn geval pas laat. En boekenschrijver? Nog later. Peter Schoenmaker stapte zestien jaar geleden de reclame uit. Zat er dertig jaar tot zijn nek in. Heel Bozell werd toen verkocht aan FCB en dus ook zijn aandelen. Zijn eerste (boutique) hotel vestigde hij onder het Haarlemse woonhuis van hem en vrouw Janneke. Dat werd in 2004 verplaatst naar het zuidwesten van Frankrijk en vier jaar geleden, net voor de crisis, weer verkocht. Vorig jaar werd Peter 65 en schrijver. 'Je maakt wat mee als hotelier' heet zijn eerste boek. Deel twee ligt alweer klaar.

In de wandelgangen van de reclame werd Peter Schoenmaker wel 'De Buitenstaander' genoemd. Liep nooit feestjes af, meed de VEA. Hij is even in Nederland voor persoonlijke zaken en zijn boeken. Mooi moment voor een optreden op het Kistje van Niks, maandag 3 februari. Waar het aantal bekenden op slechts een hand te tellen zal zijn, bekent hij. Je bent buitenstaander, of je bent het niet. Vindt hij nu wel jammer.

Voordat Peter in de wondere wereld van de reclame terecht kwam, had hij allereerst koekjes verkocht bij Verkade en op de IT afdeling van Meulenhoff gezeten. Begonnen op de bewijsnummerafdeling bij Internationaal Advertentiebureau v/h Spin op de Keizersgracht. Peter wilde reclametekenaar worden, maar groter geld werd in die tijd verdiend door AE's, merkte hij al snel. Dan maar assistent AE worden.

Toen naar Raedt en Baet. In zijn vrije tijd ontwierp Schoenmaker meubels voor Poly-Art in Amsterdam. "Die werkten met een jonge ontwerper, Jan des Bouvrie geheten. De ontwerpen van PS verkochten beter dan die van JdB", bezweert hij. Vervolgens overgestapt naar Wiggert de Vries en Fransen, later DDB, als strateeg. In 1983 met Gejus van Diggele begonnen als RSCG/Van Diggele, Janzen, Schoenmaker. Vier jaar later samengegaan met Geudeker Oerlemans. Daarna al snel naar Bozell, alwaar Schoenmaker de leiding kreeg.

Dat hij uit de reclame zou stappen had hij al besloten toen hij aan het bijkomen was, als 35-jarige, van een zwaar verkeersongeluk dat hem bijna zijn leven kostte in 1983. "Toen nam ik mij voor hooguit tot mijn 50ste door te gaan".

Eenmaal weg bij Bozell - hij was toen 49 jaar - wilde Schoenmaker zijn 'eigen merk' in de markt zetten. Dat werd dus een hotel. "Ging het mis, was ik 100% schuldig en bij succes was dat helemaal van mij". Hij bedacht het product, de 'verpakking', de verkoop, de publiciteit, alles. En ondertussen ook koken en wc's schoonmaken. "En het werd een succes, ondanks een aantal lachwekkende beginnersfouten, die ik op 3 februari graag zal bekennen". Als hotelier maak je de gekste dingen mee, maar ook als reclameman, zegt hij. Ook over dat laatste leven kunnen we een paar sappige anekdotes verwachten. Misschien wel over toehoorders die avond. Deel twee van zijn boek 'Je maakt wat mee als hotelier' met weer nieuwe verhalen is af. Hij hoopt dit jaar een Engelse editie van de grond te krijgen. En hij is ook weer bezig meubels te ontwerpen, die oude - toen goedbetaalde - hobby. Er zijn contacten gelegd met IKEA, dus wie weet. Afwisselend blijven Peter en zijn vrouw in Frankrijk en Haarlem wonen. Hun zoon is een 'goede bankier', hun dochter is strateeg bij Make, een Amsterdams bureau voor digitale reclame. "Het reclamevak? Als ik mijn dochter en haar collega's bezig zie denk ik echt dat je er jong voor moet zijn en ik er ver van moet blijven. Er zijn genoeg andere dingen te doen."